Buirgers willen strengere geurnormen

Gepubliceerd op dinsdag 02 juni 2015

Verzet tegen stank veehouderijen groeit

Het verzet tegen stank uit veehouderijen groeit. Burgers in dorpen en omwonenden hebben hun krachten gebundeld in een werkgroep. Zij pleiten vanuit het belang van de volksgezondheid voor strengere geurnormen. Er moeten snel oplossingen komen voor overbelaste gebieden. Ook moeten er normen komen voor het uitrijden van mest, voor mestopslag en mestverwerking, voor de melkveehouderij en de nertsenhouderij. Stichting Leefbaar Buitengebied heeft ook haar bijdrage hieraan geleverd.

 Een werkgroep van burgers uit Overijssel, Gelderland, Brabant en Limburg wil dat het terugdringen van de stank hoog op de agenda komt te staan van de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu Wilma Mansveld. Deze heeft burgers, samen met vertegenwoordigers van lokale en provinciale overheden, milieufederaties, GGD en de agrarische belangenorganisatie LTO, uitgenodigd deel te nemen aan een evaluatie van de Wet geurhinder veehouderij. De evaluatie moet dit jaar leiden tot een advies aan de staatssecretaris.

Misstanden

De werkgroep van burgers signaleert ernstige misstanden op het platteland. Die zijn ontstaan doordat in de Wet geurhinder veehouderij veel te ruime normen worden gehanteerd en geen rekening wordt gehouden met de optelsom van stank uit verschillende veehouderijen. De werkgroep beschikt over nieuwe gegevens dat in grote delen van Brabant, Gelderland, Noord Limburg en ook delen van Overijssel sprake is van een slecht tot zeer slecht leefklimaat. De berekeningen zijn gemaakt in het kader van de evaluatie, in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.


Gezondheidsklachten

Meerdere onderzoeken hebben aangetoond dat stank kan leiden tot gezondheidsklachten, zoals chronische stress. Omwonenden die last hebben van stank, zeggen vaker te hoesten en verkouden te zijn, last te hebben van duizeligheid, maag- en buikklachten. Zij hebben een negatiever beeld van hun hun eigen gezondheid dan mensen die geen stankoverlast ervaren. Het meest recente onderzoek van GGD Brabant en IRAS ‘’Geurhinder van veehouderij nader onderzocht’’ komt tot de conclusie dat stank uit veehouderijen lange tijd is onderschat. Daar waar objectief gezien sprake is van een slecht leefklimaat door stank uit stallen, mestverwerkers en ten gevolge van het op grote schaal uitrijden van mest, doet zich een collectief gezondheidsprobleem voor, aldus de werkgroep van burgers.

Rapport en petitie

De werkgroep heeft een rapport opgesteld, getiteld Max 5 odeur. Dit rapport heeft brede steun gekregen van burgergroeperingen uit het midden, oosten en zuiden van het land. Om het verzet tegen de stank verder te bundelen is er een petitie opgesteld, die de komende maanden door burgers in dorpen en omwonenden van veehouderijen kan worden ondertekend. De petitie is te vinden op http://www.max5odeur.nl.

 

De titel Max 5 odeur geeft aan dat de maximale geurbelasting van een burgerwoning naast een veehouderij niet meer dan 5 odeur mag bedragen. De huidige normen liggen in grote delen van het buitengebied in Gelderland, Overijssel, Brabant en Limburg veel hoger. ‘’Deze hoge normen leiden tot wantoestanden, waar de rijksoverheid op moet ingrijpen. Dat kun je niet oplossen met een dialoog tussen lokale bestuurders, agrariërs en burgers’’, aldus de werkgroep.

Hits: 1344